Red de Hout is bijzonder opgetogen dat zij de bekende evolutiebioloog prof. dr. Nico van Straalen mag verwelkomen als beschermheer van Red de Hout. Prof. Van Straalen meent dat vandaag de dag alle natuur telt. Dat geldt zeker ook voor de Hout. Hij zegt: ‘Mijn ervaring is dat elke stukje groen met hand en tand verdedigd moet worden. Natuur kan niet voor zichzelf opkomen, dat moeten mensen doen.’

Prof. Van Straalen doceert aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Velen zullen hem echter vooral kennen als columnist van het Noordhollands Dagblad en dus ook de Alkmaarsche Courant. Elke vrijdag roert hij een interessant onderwerp aan over evolutie. En recent is het boek ‘Evolueren wij nog?’ verschenen, dat hij samen met Dick Roelofs heeft geschreven. (Zie: http://nl.aup.nl/books/9789462981300-evolueren-wij-nog.html)
x
Ter introductie van onze beschermheer heeft Red de Hout prof. Van Straalen enkele vragen voorgelegd.
x
Vraag: ‘Hoe bent u met de natuur in aanraking gekomen?’
Antwoord: ‘Ik werd getriggerd door drie boeken die ik las als middelbare scholier: (1) Dode Lente, van Rachel Carson, (2) De Naakte Aap, van Desmond Morris en (3) De Diepvriesmens van Robert Ettinger. Het is misschien raar om te zeggen dat je je als 18-jarige scholier liet inspireren door boeken, maar dat moet je in zijn tijd zien. De diepvriesmens is nooit meer wat geworden. Met Dode Lente ben ik ecotoxicoloog geworden en met De Naakte Aap evolutiebioloog.’
x
V: ‘Wat is uw specialisatie en waarom?’
A: ‘Ik ben hoogleraar Dierecologie, maar mijn werk is veel breder dan dat. Ik voel me meer zoöloog en evolutiebioloog.’
x
V: ‘Uit uw columns begrijpen we dat de mens in de bomen is geëvolueerd. Is er een evolutionaire verklaring voor te geven dat ‘we’ de bomen, die ons geholpen hebben bij onze ontwikkeling als soort, niet voldoende eren en respecteren?’
A: ‘Dat is inderdaad nogal raar. Door het enorme succes van de technologie en de geneeskunde zijn we hovaardig geworden. We denken dat we zonder de natuur ook wel kunnen overleven, maar dat is niet zo. We zouden ons meer bewust moeten zijn van onze biologische wortels en beperkingen.’
x
V: ‘De Alkmaarderhout is het oudste stadspark van Nederland. Maar moeten we eigenlijk wel strijden voor zo’n klein stukje groen? En hoe belangrijk is (stads)natuur voor de mens?’
A: Mijn ervaring is dat elke stukje groen met hand en tand verdedigd moet worden. Groen dat opgeofferd wordt voor woningbouw of wegaanleg komt nooit meer terug. Beetje bij beetje en soms met hele lappen, verliest de natuur terrein. Het gaat maar één kant op: meer bebouwing, verharding en verstening, minder natuur. Natuur kan niet voor zichzelf opkomen, dat moeten mensen doen.’
x
V: ‘Wij van Red de Hout menen dat het park niet nog kleiner mag worden. Er lopen helaas al drukke wegen doorheen en het ziekenhuis heeft in de loop der jaren een flink deel opgeslokt. Wat zijn de overlevingskansen van alle diersoorten, bomen en planten als er via de salamitactiek steeds een stukje van wordt afgeknabbeld?’
A: ‘Het is een bekend gegeven in de ecologie dat de soortenrijkdom van een gebied afhangt van de grootte. Hoe kleiner, hoe minder soorten.’
x
V: ‘De gemeente wil de bomen die gekapt worden (volgens de plannen zeker 8.000 m2) 1 op 1 compenseren. Wij van Red de Hout menen dat compensatie van oude bomen en de soorten die daarmee samenleven nooit 1 op 1 gecompenseerd kunnen worden.’
A: ‘Herplant is op zich een goede zaak. Maar monumentale bomen krijg je natuurlijk niet terug. Het duurt 50 jaar, waarschijnlijk meer, voordat zich uit een jonge aanplant iets ontwikkeld heeft dat op een bos lijkt. De ontwikkeling van een bosbodem duurt nog veel langer. Het hangt er ook sterk van af welke bomen men wil aanplanten en welke grondsoort het nieuwe terrein heeft. Als je het gekapte gedeelte wilt compenseren met herplant zou dat aansluitend moeten zijn met het huidige park. Niet een groepje bomen een eindje verderop, daar heb je niks aan.’
x
V: ‘Geld speelt altijd een rol bij dit soort zaken. Maar wat kost het ons als maatschappij als we geen natuur hebben voor de kinderen om in te spelen en voor ons allen om van te genieten?’
A: ‘Het verlies van de natuur is onbetaalbaar. Er zijn ecologen die de natuurwaarden in geld hebben uitgedrukt. Dan heb je het over echte zaken die van belang zijn voor de mens zoals de bufferfunctie voor de neerslag, de regulerende functie ten aanzien van de temperatuur, het effect van bomen op de luchtkwaliteit.’
x
V: ‘Wij als actiegroep ervaren dat het heel moeilijk is om de stoomwals van een gemeente tegen te houden. Alkmaar huurt dure experts in om dikke rapporten te maken en wij moeten als vrijwilligers roeien met de riemen die we hebben. Het is een soort ongelijke strijd. Als u de natuurwetgeving mocht veranderen, wat zou u dan als eerste regelen?’
A: ‘Vrijwilligers kunnen desondanks veel invloed hebben als er veel mensen achter staan en als de argumenten goed zijn. Je hebt als actiegroep al vaak de steun van het publiek, zeker voor zoiets. Daar is de politiek wel degelijk gevoelig voor. Ik zou in de natuurwetgeving de gebiedsbescherming veel sterker verankerd willen zien; trek een rode lijn ergens omheen en borg dat daar niet over heen gegaan kan worden.’
x
V: ‘Wat is uw leukste natuurervaring ooit?’
A: ‘In het tropisch regenwoud van Borneo, in het veldstation ‘s morgens vroeg wakker worden met de zang van de gibbons.’
x
V: ‘Wat zijn uw favoriete Nederlandse soorten, respectievelijk zoogdier, vogel, insect en boom?’
A: ‘Eekhoorn, nachtegaal, atalanta en beuk. Allemaal heel gewone soorten, die je – met uitzondering van de eekhoorn – waarschijnlijk in de Hout ook ziet. Als de Hout onaangetast blijft zal de eekhoorn zeker kunnen terugkeren.’
Deel nu: Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInPrint this page